Nee, dit is geen slechte filmtitel. Ik ben afgelopen vrijdag voor het eerst naar een indoorspeelparadijs geweest. Ik had van diverse mensen al begrepen dat er maar twee mogelijkheden zijn: Je vindt het óf fantastisch, óf je wordt er gillend gek.

Indoorspeelparadijs

Omdat Sophie dol is op klimmen en klauteren dacht ik; laat ik het maar een keer proberen. Samen met een vriendin en haar dochtertje sprak ik af bij Monkeytown in Sliedrecht. Naast Monkeytown heb je in deze regio ook Ballorig en Lizz4kids, maar die laatste is pas vanaf 4 jaar en Ballorig is een stuk verder weg.

Zodra ik het gebouw binnenstap denk ik: wat doe ik hier. Het gegil en gekrijs komt me tegemoet en ik zie overal kinderen rennen. Achteraf hoorde ik dat het een rustige dag was. Eh, oké. Terwijl ik naar binnen loop zie ik mijn buurvrouw. “Hey! Jij ook hier”. Ik knik iets te enthousiast. Het meisje achter de balie vraagt hoe oud Sophie is en nadat ik aangeef dat ze 10 maanden is mogen we gratis en voor niets naar binnen. Achteraf gezien is dat het lichtpuntje van de ochtend.

Ballenbak

M’n vriendin en ik zoeken een tafeltje bij het babygedeelte en nog voordat ik überhaupt mijn jas uit heb is haar dochtertje al verdwenen. Ik trek mijn jas en schoenen uit en doe bij Sophie hetzelfde. Vervolgens loop ik met haar het babygedeelte in waar we de buurkinderen tegen komen. “Hey, de buurvrouw!” hoor ik het buurmeisje keihard gillen. Ik zwaai en loop naar een hoekje in de ballenbak waar ik samen met Sophie rustig kan zitten. Sophie kijkt beduusd om zich heen. Ze vindt het – net als ik – veel te druk. Ik geef haar een bal. Nu ze een bal heeft is duidelijk in haar nopjes en speelt er rustig mee. Ik rol wat andere ballen haar kant op, maar die zijn niet interessant. Alleen de bal in haar handjes is leuk.

Dan komt er een ventje aan, ik schat hem een jaar of 3. Eerst wurmt hij zich in het hoekje waar wij zitten om achter Sophie te gaan staan, iets waar ik al licht geïrriteerd van word. Vervolgens grijpt hij naar de bal in Sophie’s handen. Ik grijp meteen in en pak de bal vast: “Nee, deze is bal is van haar. Pak maar één van de andere 6000 ballen”. Het ventje kijkt mij beduusd aan, alsof er nog nooit iemand zo tegen hem gesproken heeft. Hij probeert het nog ik een keer. Ik word boos, hij druipt af. Ik vraag mezelf mompelend af of kinderen tegenwoordig überhaupt nog worden opgevoed en op dat moment komt mijn vriendin aanlopen: “kom, we gaan naar de andere kant. Daar komen de ballen uit de lucht vallen, super leuk voor de kids”.

Ongeleide projectielen

Eenmaal aan de andere kant vindt Sophie het wat spannender. Het is daar een stuk drukker dan in de ballenbak en ik merk dat Sophie het niet fijn vindt dat andere kindjes zo dichtbij komen. De kinderen springen en rennen hier als een stel ongeleide projectielen rond en er staat zelfs een ventje tegen de ballen aan te schoppen. Wanneer er eentje rakelings langs Sophie haar hoofdje vliegt ben ik het zat en kijk om me heen. Waar zijn de ouders? Waarom wordt er hier totaal niet op de kinderen gelet? Ik besluit dat het tijd is dat wij weer aan het tafeltje gaan zitten, om te voorkomen dat ik uit mijn slof schiet.

Horrortown

We eten nog even wat – wat Sophie het hoogtepunt van de ochtend vindt – en vinden het daarna wel welletjes. Ondertussen staat er een kind bij de kluisjes met de deurtjes te gooien en ik hoor zijn oma zeggen “leuk he?”. Ik zucht. Ben ik nu zo streng of de ouders/begeleiders hier zo soft? Of snap ik kinderen gewoonweg niet? We pakken onze spullen en lopen richting de uitgang. Net op tijd, want er komt een groepje met 10 schreeuwende kinderen binnen. Als we naar buiten lopen voel ik een soort opluchting. We hebben het overleefd. Ik neem afscheid van m’n vriendin. “Was gezellig! Zie je snel weer”. Dat we elkaar weer snel zien is een feit, maar nooit meer bij Horrortown.

 

22 thoughts on “Horrortown”

  1. Ik kan me enkel bij jouw woorden aansluiten. Ik heb het alle keren dat ik ze bezocht net zo ervaren. Kinderen worden losgelaten, maar men houd er geen rekening mee dat er velen van die kinderen zijn die gewoon een stuk jongere kindjes zo omver lopen of pijn doen.. en dan is er niemand (behalve de ouder van jongere kindje ) om ze toe te spreken. Ik word er ook gillend gek en teveel gegil van ongeleide projectielen haha

  2. Ik heb ooit nog eens gewerkt in zo’n horrortown idee. Ik vond het leuk om daar te werken maar je hebt gelijk. Kinderen doen daar maar, als ze al opgevoed waren laten ze daar niks van merken.

  3. Hahaha, wat kun jij mooi schrijven. Ik kan er qua eigen kind natuurlijk nog niet over meepraten, maar ging laatst met 3 vriendinnen die alledrie ukkies in de leeftijd 2 en 3 jaar hebben, naar zo’n speeltuin. Nou. We hebben ’t geweten. Zullen het vast nog wel een keer doen, maar dan plannen we voor de rest van de dag niks meer want ’t is doodvermoeiend, haha!

  4. Ik snap het wel. De eerste keren zette ik mijn meiden in de ballenbak en blijf erbij. Maar het went echt. Zowel voor de kinderen als voor ons. Het wordt natuurlijk ook makkelijk als ze wat groter zijn.

  5. Haha wij hebben een eigen speelschuur dus ik zoek de rustige momenten op en ga er dan pas naartoe. Mijn dochter vindt het geweldig en nu ze helemaal zelf kan spelen ik stiekem ook 😉

  6. Met een kindje van 10 mnd snap ik sowieso dat het overweldigend kan zijn. Mijn 3,5 jarige vindt het geweldig en ja.. er lopen kinderen rond die niet opgevoed lijken maar dat heb je overal.. Ik vind het een uitkomst (maar ga ook nooit naar monkeytown maar naar een kleinschalerige)

  7. Tja, hoe niet leuk ik het voor mezelf ook vind hoe handig en leuk is het voor kinderen die wat groter zijn bij slecht weer. Ik doe mijn oudste zoon er echt zo’n groot plezier mee, dus soms gaan we toch maar even.

  8. Hahaha! Ik snap je wel. Al ben ik laatst een keer op een donderdagochtend (met een vriendin en onze kids) naarMonkeytown geweest en dat was relaxed. Rustig en voldoende ruimte. Dat vond ik wel leuk. Maar in het weekend mijdt ik dat soort plekken hoor! Pfff

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Plaats een link naar jouw eigen blog